Na twee winters van prijsstijgingen en schaarste lijkt Nederland anders naar warmte te kijken. De klassieke 21 graden in huis wordt steeds vaker vervangen door een “comfortabele” 18 of 19 graden. Maar wat betekent dat voor welzijn, gezondheid en kosten? Nieuwe experimenten, waaronder het project Comfort Bewust van TNO en Milieu Centraal, brengen verrassende inzichten aan het licht over wat Nederlanders echt als behaaglijk ervaren.
De norm van 19 graden komt onder druk
Sinds de oproep van de overheid in 2022 om de thermostaat op 19 °C te zetten, is dat cijfer uitgegroeid tot een morele standaard. Campagnes van Rijksoverheid, Milieu Centraal en energiebedrijven benadrukten dat elke graad lager gemiddeld zes procent gasverbruik scheelt. Toch blijkt uit metingen bij ruim duizend huishoudens dat comfort niet altijd samenvalt met de temperatuur op het scherm.
Waar bewoners verwachtten te bibberen bij 17 °C, rapporteerde een kwart van hen juist meer kougevoel bij een stabiele 19 °C – vooral in slecht geïsoleerde woningen of bij weinig beweging. Het idee van “de juiste temperatuur” brokkelt daarmee af.

Het nieuwe comfort: gedrag, niet alleen techniek
Kleine aanpassingen met groot effect
Onderzoekers zien dat bewoners die hun routines aanpassen minder afhankelijk worden van centrale verwarming. Zo’n omslag vraagt geen grote investeringen maar wel aandacht voor dagelijkse gewoontes:
- Dikke sokken en binnenvesten verhogen het gevoel van warmte met gemiddeld 1,5 graad zonder extra gasverbruik.
- Kort ventileren na het koken voorkomt vochtophoping die kouder aanvoelt dan droge lucht bij dezelfde temperatuur.
- Verplaatsbare infraroodpanelen leveren plaatselijke warmte waar mensen zich bevinden, in plaats van hele ruimtes te verwarmen.
TNO berekende dat huishoudens die deze maatregelen combineren hun gasverbruik tot twintig procent kunnen verlagen zonder merkbaar verlies aan comfort.
Energiearmoede maakt comfort politiek
Voor gezinnen met lage inkomens krijgt het begrip “comfort” een andere lading. Volgens Nibud besteedt bijna één op de vijf huurders meer dan tien procent van zijn inkomen aan energie. De keuze tussen warmte en andere basisuitgaven scherpt de ongelijkheid aan: isolatiepremies bereiken vooral huiseigenaren, terwijl huurders vaak wachten op renovaties via woningcorporaties zoals Woonbron of Portaal.
In sommige gemeenten experimenteert men met buurtgerichte warmtescans om gericht advies te geven. Maar zolang energietarieven per maand kunnen verdubbelen, blijft gedrag de snelste hefboom voor besparing — ook al voelt dat soms als noodzaak in plaats van keuze.

Koude gewenning: lichaam past zich sneller aan dan gedacht
Nederlandse Organisatie voor Toegepast Natuurwetenschappelijk Onderzoek (TNO) testte gedurende winter 2023–2024 vijftig proefpersonen die geleidelijk hun binnentemperatuur verlaagden. Na twee weken meldden deelnemers minder koudegevoel ondanks dezelfde thermometerstand. De stofwisseling bleek zich aangepast te hebben; lichte rillingen verdwenen en hartslag stabiliseerde sneller na blootstelling aan lagere kamertemperaturen.
Volgens fysioloog Marieke Leeflang is dit vergelijkbaar met hoogtetraining: “Het lichaam leert warmte beter vasthouden.” Deze bevinding zet vraagtekens bij de vaste normtemperatuur die jarenlang gold als symbool voor comfort en gezondheid.
Tussen beleid en praktijk: waar ligt de grens?
Energiebedrijven als Eneco, Essent en Vattenfall promoten slimme thermostaten die automatisch rekening houden met aanwezigheid en tijdstip. Toch ligt er spanning tussen technologie en beleving: automatische verlaging ’s nachts kan leiden tot vochtproblemen of koude muren die overdag meer gas vragen om opnieuw op te warmen. De ideale balans verschilt per woningtype en gezinssamenstelling.
| Sectortype woning | Aanbevolen nachtinstelling (°C) | Mogelijke besparing (%) |
|---|---|---|
| Naoorlogse rijwoning (matig geïsoleerd) | 16–17 | 10–12 |
| Nieuwbouw (goede isolatie) | 17–18 | 6–8 |
| Plaatselijk verwarmd appartement | 18–19 | 3–5 |
Naar een cultuur van bewuste kou?
Sociologen signaleren een verschuiving in hoe Nederlanders praten over kou: minder als tekort, meer als keuze. De slogan “warmte is gedrag” duikt op in campagnes van gemeenten zoals Utrecht en Groningen. Het lijkt erop dat wat ooit gold als teken van ongemak nu verandert in bewijs van verantwoordelijkheid. Of dat duurzaam standhoudt zodra gasprijzen weer dalen, daarover lopen meningen uiteen – maar niemand ontkent nog dat onze relatie met warmte voorgoed veranderd is.
EnergiebesparingHet is zo eenvoudig, maar ongelofelijk doeltreffend” : het glas water dat helpt om beter te verwarmen zonder meer te betalenTrefwoorden: verwarming, energiebesparing, TNO, Milieu Centraal, energiearmoede, thermostaatgedrag.


